
|
BELASTINGVERMINDERINGEN
I. TOESLAG OP DE BELASTINGVRIJE SOM IN DE PERSONENBELASTING
A. PRINCIPE
De belastingplichtige van wie het gezin één of meer personen met een handicap telt, heeft recht op één of meerdere toeslagen op de belastingvrije som.
Voor aanslagjaar 2005 (inkomsten van het jaar 2004) is het basisbedrag van de belastingvrije som gelijk aan 5.660,00 EUR. Voor het aanslagjaar 2006 (inkomsten 2005) bedraagt dit 5.780,00 EUR.
B. VOORWAARDEN
De toeslag kan worden verleend aan personen getroffen door een handicap.
Wordt beschouwd als getroffen door een handicap, de persoon bij wie, ongeacht de leeftijd, ingevolge feiten overkomen en vastgesteld vóór de leeftijd van 65 jaar, werd vastgesteld dat:
- ofwel zijn lichamelijke of geestelijke toestand zijn verdienvermogen verminderd heeft tot één derde of minder van wat een valide persoon kan verdienen door een of ander beroep op de algemene arbeidsmarkt;
-
- ofwel zijn gezondheidstoestand een volledig gebrek aan, of een vermindering van zelfredzaamheid van ten minste 9 punten tot gevolg heeft, gemeten volgens de handleiding en de medisch-sociale schaal die van toepassing zijn inzake de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
-
- hij ingevolge een administratieve of gerechtelijke beslissing tot ten minste 66% blijvend lichamelijk of geestelijk gehandicapt of permanent arbeidsonbekwaam wordt verklaard;
-
- het verdienvermogen na de periode van primaire werkonbekwaamheid die voorzien is in de ziekte- en invaliditeitsverzekering, verminderd is tot een derde of minder.
Wordt eveneens als “persoon met een handicap” beschouwd, hij die erkend werd overeenkomstig de fiscale bepalingen van kracht vóór het aanslagjaar 1990 (inkomsten 1989).
De handicap waarmee rekening wordt gehouden is die welke, ongeacht de leeftijd van de persoon, overkomen en vastgesteld is vóór de leeftijd van 65 jaar.
De personen van 65 jaar en ouder, die getroffen zijn door een handicap als gevolg van een ongeval, een ziekte,… overkomen na de leeftijd van 65 jaar, hebben geen recht op de toeslag op de belastingvrije som.
Indien de handicap echter vastgesteld werd vóór de leeftijd van 65 jaar, kan de persoon, ongeacht zijn leeftijd, aanspraak maken op de toeslag op de belastingvrije som.
De handicap moet vóór 1 januari van het aanslagjaar vastgesteld zijn.
C. BEDRAG VAN DE TOESLAG
Om als ten laste van de belastingplichtige te kunnen worden aangemerkt, mag men wat betreft het aanslagjaar 2005 (inkomsten van het jaar 2004 ), persoonlijk geen nettobestaansmiddelen van meer dan 2.490,00 EUR (2.540,00 EUR voor het aanslagjaar 2006) hebben.
Dit maximumbedrag wordt echter op 3.590,00 EUR (3.670,00 EUR voor het aanslagjaar 2006) voor kinderen ten laste van een alleenstaande belastingplichtige en op 4.560,00 EUR (4.650,00 EUR voor het aanslagjaar 2006) voor kinderen met een handicap ten laste van een alleenstaande belastingplichtige.
Vanaf het aanslagjaar 2006 (inkomstenjaar 2005) wordt een doodgeboren kind of een kind dat werd verloren door een miskraam na ten minste 180 dagen zwangerschap eveneens beschouwd als een persoon die deel uitmaakt van het gezin van de belastingplichtige op 1 januari van het aanslagjaar. Voorwaarde om deze personen als ten laste te beschouwen, is wel dat de gebeurtenis zich tijdens het belastbare tijdperk heeft voorgedaan.
Om de bestaansmiddelen te bepalen wordt er geen rekening gehouden met:
- Wettelijke kinderbijslagen, kraamgelden en adoptiepremies, evenals studiebeurzen en premies voor het voorhuwelijk sparen, met de tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
- Bezoldigingen die de persoon met een handicap ontvangt als gevolg van zijn tewerkstelling in een beschutte werkplaats;
- De onderhoudsuitkeringen en aanvullende onderhoudsuitkeringen die ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing, waarbij het bedrag met terugwerkende kracht wordt vastgesteld of verhoogd, aan de belastingplichtige zijn betaald na het belastbare tijdperk waarop ze betrekking hebben en met de onderhoudsuitkeringen die zijn toegekend aan kinderen ten belope van 2.490,00 EUR voor het aanslagjaar 2005 (2.540,00 EUR voor het aanslagjaar 2006).
- Toeslag voor kinderen ten laste en kinderen met een handicap ten laste
Het basisbedrag van de belastingvrije som wordt verhoogd met de hiernavolgende toeslagen voor een belastingplichtige die fiscaal afstammelingen ten laste heeft of andere kinderen volledig of hoofdzakelijk ten laste heeft:
In EUR |
|
Aanslagjaar 2005 |
Aanslagjaar 2006 |
Eerste kind |
1.200,00 |
1.230,00 |
Tweede kind |
3.090,00 |
3.160,00 |
Derde kind |
6.940,00 |
7.080,00 |
Vierde kind |
11.220,00 |
11.450,00 |
Bijkomend kind |
4.280,00 |
4.370,00 |
Het kind met een handicap wordt voor twee geteld bij de berekening van het aantal kinderen ten laste.
NB: Voor een kind van minder dan 3 jaar waarvoor geen opvangkosten werden afgetrokken is er een bijkomende vrijstelling van 450,00 EUR (460,00 voor het aanslagjaar 2006).
Eén of meer kinderen ten laste van een belastingplichtige die als alleenstaande wordt belast geven bovendien recht op een bijkomende belastingvrije som van 1.200,00 EUR per kind voor het aanslagjaar 2005 (1230,00 EUR voor 2006)
- Toeslag voor zware handicap van andere personen dan kinderen
Het basisbedrag van de belastingvrije som wordt eveneens verhoogd:
- Voor elke belastingplichtige (d.w.z. elke echtgenoot of de alleenstaande belastingplichtige) die een handicap heeft;
- Voor elke andere persoon die fiscaal als ten laste kan worden aangemerkt (inzonderheid ascendenten, broers, zusters, ..) die een handicap hebben.
Die toeslag is voor het aanslagjaar 2005 (inkomsten van het jaar 2004 ) gelijk een 1.200,00 EUR.
D. HOE VERKRIJGT MEN DE TOESLAG.
De belastingplichtige van wie het gezin één of meer personen met een handicap telt, moet op de daarvoor bestemde plaatsen van zijn aangifte in de personenbelasting vermelden welke personen die van zijn gezin deel uitmaken een handicap hebben. De belastingplichtige die een handicap vermeldt, moet het bewijs ervan leveren; een officieel attest is daarvoor vereist.
Hierna volgen enkele voorbeelden van erkende attesten:
- een niet vervallen attest waarin de uitbetalende instelling bevestigt dat de persoon in kwestie, voor de toepassing van de kinderbijslagwetgeving voor ten minste 66% getroffen is door een ontoereikendheid of vermindering van lichamelijke of geestelijke geschiktheid, volledig ongeschikt is om een beroep uit te oefenen of tenminste 66% arbeidsongeschikt is;
- een niet vervallen attest van de dienst voor tegemoetkomingen aan personen met een handicap, Zwarte Lievevrouwstraat 3c in 1000 Brussel, met vermelding dat de persoon met een handicap aan de medische voorwaarden voldoet om een inkomensvervangende tegemoetkoming of een integratietegemoetkoming (categorie 2, 3, 4 of 5) te verkrijgen, of door een arbeidsongeschiktheid of een invaliditeit van tenminste 66% getroffen is;
- een attest van het ziekenfonds met vermelding, na afloop van de periode van één jaar primaire ongeschiktheid, van de duur tijdens welke de betrokkene als “invalide” erkend werd of dat bevestigt dat de betrokkene op de datum van ingang van zijn/haar ouderdoms- of brugpensioen, door het RIZIV erkend werd als 66% invalide;
- een kopie van de definitief geworden gerechtelijke uitspraak waaruit de blijvende invaliditeitsgraad blijkt;
- voor de slachtoffers van arbeidsongevallen met een blijvende arbeidsongeschiktheid, een attest van het Fonds voor Arbeidsongevallen waaruit de graad van blijvende ongeschiktheid blijkt, uitgereikt hetzij door zijn gewestelijk bureau, Olijftakstraat 7-13 in 2000 Antwerpen, voor zeelieden en gewezen zeelieden van de koopvaardij, hetzij door zijn gewestelijk bureau, Kantinestraat 3 in 8400 Oostende, voor zeelieden en gewezen zeelieden van de zeevisserij, hetzij door zijn Centraal bestuur, Troonstraat 100 in 1050 Brussel, in andere gevallen;
- een attest van het Fonds voor beroepsziekten, Sterrenkundelaan 1 in 1210 Brussel, met vermelding van de graad van blijvende arbeidsongeschiktheid;
- voor de militaire oorlogsinvaliden en de militaire invaliden in vredestijd, een attest met vermelding van de graad van invaliditeit uitgereikt door de Administratie der Pensioenen, Victor Hortaplein 40 - bus 30 in 1060 Brussel, ofwel een afschrift van de laatste ministeriële beslissing waarbij het vergoedingspensioen werd toegekend, of van de door de commissie voor vergoedingspensioenen of door de commissie van beroep voor vergoedingspensioenen genomen beslissing met vermelding van de totale invaliditeitsgraad;
- voor burgerlijke oorlogsslachtoffers, een attest van de graad van invaliditeit, uitgereikt door de FOD Sociale Zekerheid, bestuur voor de Oorlogsslachtoffers, Luchtscheepvaartsquare 31 in 1070 Brussel;
- voor invalide mijnwerkers, een attest van een wettelijk erkende voorzorgskas voor mijnwerkers waaruit blijkt dat de betrokkene een invaliditeitspensioen geniet of dat hij een blijvende arbeidsongeschiktheid van ten minste 66% op de algemene arbeidsmarkt heeft opgelopen;
- voor zeelieden, een attest van de Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden onder de Belgische vlag, met vermelding van de periode waarin de betrokkene als invalide is erkend of indien zij het slachtoffer zijn van een arbeidsongeval of beroepsziekte, een attest van dezelfde kas met vermelding van de graad van blijvende arbeidsongeschiktheid;
- voor de personeelsleden van de overheidsdiensten die het slachtoffer zijn van een arbeidsongeval of beroepsziekte, een attest van de overheid die instaat voor de schadeloosstelling, met vermelding van de graad van blijvende arbeidsongeschiktheid;
- voor personeelsleden van de overheidsdiensten die met ziekteverlof zijn of in disponibiliteit zijn gesteld, een attest van de overheidsdienst waarvan het personeelslid afhangt, en waarin wordt bevestigd dat de betrokkene sedert meer dan één jaar op ononderbroken wijze met ziekteverlof is en/of in disponibiliteit wegens gezondheidsredenen is gesteld (met vermelding van de periode van ziekteverlof en/of disponibiliteit);
- voor personeelsleden van de overheidsdienst die met vervroegd pensioen zijn gesteld, hetzij wegens lichamelijke ongeschiktheid, hetzij ambtshalve overeenkomstig artikel 83 van de wet van 5 augustus 1978 houdende economische en budgettaire hervormingen, een attest door de Administratieve Gezondheidsdienst uitgereikt ingevolge artikel 30 van de wet van 15 mei 1984 houdende maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen, waaruit blijkt dat de betrokkene is getroffen door een blijvende algemene invaliditeit van tenminste 66%;
- voor personeelsleden van de NMBS, een attest van het Gewestelijk Geneeskundig Centrum waarbij bevestigd wordt dat de betrokkene sedert meer dan één jaar ononderbroken arbeidsongeschikt is wegens ziekte of wanneer hij/zij het slachtoffer is van een arbeidsongeval of beroepsziekte, een attest van hetzelfde centrum met vermelding van de graad van blijvende arbeidsongeschiktheid;
- een attest van de Dienst voor Overzeese Sociale Zekerheid, Louizalaan 194 in 1050 Brussel, waaruit blijkt dat de betrokkene sedert meer dan één jaar ononderbroken arbeidsongeschikt is wegens ziekte of een attest van dezelfde dienst met vermelding van de graad van blijvende arbeidsongeschiktheid wegens arbeidsongeval of beroepsziekte;
- een attest van de Administratieve Gezondheidsdienst of van de FOD Sociale Zekerheid inzake vermindering van het BTW-tarief bij aankoop en onderhoud van een personenwagen of vrijstelling van verkeersbelasting (uitgezonderd voor personen met een handicap met een blijvende invaliditeit die rechtstreeks toe te schrijven is aan de onderste ledematen en die geen 66% bereikt);
- een attest van de FOD Sociale Zekerheid inzake het sociaal telefoontarief of inzake sociale huisvesting;
- voor personen die een invaliditeitspensioen van Italiaanse oorsprong genieten, het drukwerk (model 201) met de vermelding IO/s, dat door het Instituto della Previdenza Sociale (INPS) wordt uitgereikt en dat het jaarbedrag van de toekenningen vermeld;
- voor de personen die een Nederlandse W.A.O.-uitkering genieten, een attest dat hen jaarlijks door het Gemeenschappelijk Administratiekantoor of de Bedrijfsvereniging wordt uitgereikt en dat een arbeidsongeschiktheid van 66% of meer vermeld.
Indien de belastingplichtige over geen enkel geldig attest beschikt kan hij aan de plaatselijke taxatiedienst der belastingen een formulier (332H) voor aanvraag van een medisch onderzoek vragen, invullen en aan de voormelde dienst terugzenden. De belastingdienst zal het document doorsturen naar de Directie-generaal Personen met een handicap die dan het geneeskundig onderzoek zal verrichten.
II. DE VERMINDERING INZAKE ONROERENDE VOORHEFFING
A. HET VLAAMS GEWEST INT ZELF DE ONROERENDE VOORHEFFING
1. Principe
Op onroerende goederen gelegen in het Vlaams gewest moet onroerende voorheffing betaald worden. Er worden wel verminderingen toegekend.
Dit is bijvoorbeeld het geval voor een bescheiden woning. Dat is een woning waarvan het kadastraal inkomen kleiner is dan of gelijk aan 745,00 EUR. Er kan een vermindering van 25 % van de onroerende voorheffing worden toegekend indien:
- de belastingplichtige op 1 januari van het aanslagjaar in deze woning zijn hoofdverblijfplaats heeft volgens het bevolkingregister. De vermindering kan alleen voor deze woning toegekend worden.
- het totale K.I. van alle onroerende goederen in het Vlaams Gewest niet hoger is dan 745,00 EUR
De vermindering voor bescheiden woning is één van de automatische verminderingen.
Huurders en eigenaars met gehandicapte gezinsleden of 2 of meer kinderbijslaggerechtigde kinderen hebben recht op een forfaitaire vermindering van de onroerende voorheffing. Het huis moet wel in het Vlaams gewest gelegen zijn.
Het bedrag van de vermindering is afhankelijk van het aantal kinderbijslaggerechtigde kinderen en het aantal personen met een handicap. Een persoon met een handicap wordt gelijkgesteld met 2 kinderen.
Aantal kinderen |
Basisbedrag in EUR |
2006 |
2 |
5,40 |
6,37 |
3 |
8,55 |
10,10 |
4 |
11,97 |
14,14 |
5 |
15,69 |
18,53 |
6 |
19,68 |
23,24 |
7 |
23,97 |
28,31 |
8 |
28,56 |
33,73 |
9 |
33,42 |
39,47 |
10 |
38,60 |
45,59 |
Het bedrag van de vermindering is afhankelijk van de opcentiemen van provincie en gemeente.
Voorbeeld: een gezin met 2 kinderbijslaggerechtigde kinderen in Retie heeft voor het aanslagjaar 2006 recht op een vermindering van 6,37 + {6,37 x (1300 + 290)/100} = 107,65 EUR of het basisbedrag plus het basisbedrag vermenigvuldigd met de som van de opcentiemen gedeeld door honderd.
2. Hoe de vermindering bekomen?
2.1. U bent eigenaar van de woning
Als u eigenaar bent van een woning en recht heeft op een vermindering, dan zal die automatisch worden toegekend.
2.2. U huurt een woning
Als u huurder bent en recht heeft op een vermindering, moet de eigenaar van uw huurwoning het bedrag van deze vermindering jaarlijks aftrekken van uw huurlast. U meldt zich schriftelijk aan bij de Belastingdienst voor Vlaanderen, Onroerende Voorheffing en dit best samen met de eigenaar van uw huurwoning. Zo bent u zeker dat uw eigenaar weet dat hij u een verminderde huurlast moet toestaan. Indien het volstrekt niet mogelijk zou zijn om de eigenaar erbij te betrekken, volstaat de aanmelding door de huurder. Aanmeldingsformulieren kunnen aangevraagd worden bij de Belastingdienst voor Vlaanderen, Onroerende Voorheffing. Indien de aanmelding de dienst tijdig bereikt, dus voordat het aanslagbiljet verstuurd is naar de eigenaar, wordt de vermindering verrekend. In het andere geval kan de situatie rechtgezet worden door het indienen van een bezwaarschrift door de eigenaar. U wordt als huurder in elk geval op de hoogte gehouden van de verdere afwerking van het dossier.
2.3. U bent huurder en u verhuist
Eenmaal een huurder geregistreerd is bij de Belastingdienst voor Vlaanderen moet hij geen nieuwe aanvraag meer doen. Als hij nog eens verhuist moet dit dan ook niet meegedeeld worden.
B. DE FEDERALE OVERHEID INT DE ONROERENDE VOORHEFFING VOOR HET WAALS GEWEST EN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
1. Het Waals Gewest
De onroerende voorheffing verschuldigd voor de woning die men op 1 januari van het aanslagjaar (bijvoorbeeld 1 januari 2005 voor het aanslagjaar 2005) betrekt kan verminderd worden.
De onroerende voorheffing wordt verminderd met 25% als het om een bescheiden woning gaat en indien het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen niet hoger is dan 745,00 EUR.
In het Waals Gewest wordt een vaste vermindering gegeven in de volgende gevallen:
- 250,00 EUR voor de woning die betrokken wordt door een groot-oorlogsverminkte;
- 125,00 EUR voor een persoon met een handicap;
- 250,00 EUR per persoon met een handicap ten laste (met inbegrip van de echtgenoot) en 125,00 EUR per niet gehandicapt kind ten laste. Vanaf aanslagjaar 2005 geldt de basisvermindering van 250,00 EUR ook voor de persoon met een handicap die wettelijk samenwoont;
- Voor de andere personen dan kinderen of personen met een handicap, ten laste van het gezinshoofd die wel deel uitmaken van zijn gezin of van het gezin van zijn echtgenoot of wettelijk samenwonende, met uitzondering van de echtgenoot of de wettelijk samenwonende zelf, bedraagt de vermindering 125,00 EUR.
2. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
De onroerende voorheffing verschuldigd voor de woning die men op 1 januari van het aanslagjaar (bijvoorbeeld 1 januari 2005 voor het aanslagjaar 2005) betrekt kan verminderd worden.
De onroerende voorheffing wordt verminderd met 25% als het om een bescheiden woning gaat en indien het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen niet hoger is dan 745,00 EUR.
In het Brussels Hoofdstedelijk gewest wordt een procentuele vermindering gegeven:
- de belastingplichtige met een handicap geniet van een vermindering met 10%;
- 20% vermindering voor de woning die betrokken wordt door een groot-oorlogsverminkte;
- de persoon met een handicap en een kind met een handicap ten laste tellen voor twee personen ten laste: dus hier een vermindering met 20%.
3. De vermindering van de onroerende voorheffing gaat zowel de eigenaar als de huurder van een woning aan.
3.1. De eigenaar die recht heeft op vermindering,
stuurt zijn aanvraag in samen met het attest van de handicap en ontvangt, desgevallend, een terugbetaling;
3.2. De huurder die recht heeft op vermindering,
dient aan de eigenaar of aan diens wettige verantwoordelijke te vragen de aanvraag tot terugbetaling van de vrijstelling te ondertekenen en verstrekt hem het attest van de handicap. Het is dus de eigenaar die het verzoek indient ten gunste van de huurder. Hij is ertoe gehouden het terugbetaalde bedrag aan de huurder af te staan.
- Hoe de vermindering bekomen?
De aanvraag om vermindering moet onder de vorm van een bezwaarschrift ingediend worden bij
- de bevoegde Gewestelijke directeur taxatie waarvan het adres voorkomt op
het aanslagbiljet dat u hebt ontvangen
- binnen de drie maanden vanaf de verzendingsdatum van dit aanslagbiljet.
Er moet eventueel een getuigschrift bijgevoegd worden dat u erkend bent als "groot-oorlogsverminkte" (het getuigschrift wordt door de Administratie der pensioenen uitgereikt) of als persoon met een handicap (het getuigschrift wordt uitgereikt door de uitbetalende instelling of de instelling die de graad van permanente invaliditeit heeft bepaald).
U kan zich eveneens direct richten tot de ontvanger van de belastingen waarvan u afhangt; laatstgenoemde kan u helpen uw bezwaarschrift naar behoren op te stellen.
Wanneer de termijn van drie maanden om uw bezwaar in te dienen voorbij is hebt u nog de mogelijkheid om een vermindering te verkrijgen door u tot de Gewestelijke directeur taxatie of de ontvanger te richten: als u de Administratie op de hoogte heeft gesteld of als zij kennis had van het feit dat u de voorwaarden om deze vermindering te verkrijgen vervulde; binnen de drie jaar vanaf de 1ste januari van het betrokken jaar.
III. VERMINDERING VAN REGISTRATIERECHTEN
A. Vlaams Gewest
Vanaf 1 januari 2002 is in het Vlaams gewest het registratierecht op verkopingen van 12,5% tot 10% verminderd en het wordt tot 5% verminderd wanneer de belastingplichtige een huis koopt waarvan het kadastraal inkomen niet meer bedraagt dan € 745,00. Dit maximumbedrag wordt verhoogd in functie van het aantal kinderen ten laste. Kinderen met een handicap van minstens 66% worden beschouwd als 2 kinderen ten laste.
Opgelet! Dit nieuwe tarief geldt enkel voor overeenkomsten gesloten vanaf 1 januari 2002.
B. Waals Gewest
Als een persoon een huis koopt waarvan het kadastraal inkomen niet meer is dan 745,00 € dan worden de registratierechten verminderd van 12,5% naar 6%. Dit maximumbedrag wordt verhoogd in functie van het aantal kinderen ten laste. Kinderen met een handicap van minstens 66% worden beschouwd als 2 kinderen ten laste.
C. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
De registratierechten in Brussel komen neer op 12,5%. Er wordt echter een belastingvermindering toegekend. Deze komt neer op een vermindering van 60.000,00 EUR van het bedrag waarop de belasting wordt berekend. Dat wil zeggen dat de eerste schijf van 60.000,00 EUR niet belast wordt, ongeacht de waarde van de woning. Het is alsof de koper bijvoorbeeld een huis koopt van 90.000,00 i.p.v. 150.000,00 EUR. Hij betaalt 11.250,00 EUR registratierechten (90.000,00 x 12,5%), i.p.v. 18.750,00 EUR en spaart dus 7.500,00 EUR uit.
Het wordt nog interessanter voor wie een huis koopt binnen een Ruimte voor Versterkte Ontwikkeling van Huisvesting en Stadsvernieuwing (RVOHS), zoals afgebakend in het Gewestelijk Ontwikkelingsplan. De vrijgestelde schijf bedraagt dan 75.000,00 EUR dat levert de koper een belastingvoordeel op van 9.375,00 EUR.
Deze bedragen zijn van toepassing op verkoopovereenkomsten vanaf 15 februari 2006.
MEER INFORMATIE?
BELASTINGDIENST VOOR VLAANDEREN
ONROERENDE VOORHEFFING
Bauwensplaats 13 bus 2
9300 AALST
tel.:078/15.30.15
fax: 053/72.23.75
http://www.vlaanderen.be/onroerendevoorheffing
onroerende.voorheffing@cipal.be
FOD FINANCIEN
- Administratie van de Ondernemings- en de Inkomensfiscaliteit
North Galaxy
Koning Albert II-laan 33 bus 25
1030 BRUSSEL
Callcenter personenbelasting: 02/33.66.999
http://www.fiscus.fgov.be
http://www.minfin.fgov.be
- Administratie van het kadaster, de registratie en de domeinen
North Galaxy
Koning Albert II-laan 33 bus 50
1030 BRUSSEL
tel.: 02/336.35.98
fax: 02/336.17.52
LOKALE TAXATIEDIENSTEN
Adressen: zie telefoongids onder rubriek Federale Overheidsdiensten
GEMEENTEBESTUREN
- - - - - -
2006-08-17
|
|