Vandaag is het Europese Dag voor Orgaandonatie. Jaarlijks danken een kleine duizend Belgen hun leven aan een orgaantransplantatie. Maar er zijn nog steeds te weinig donoren. In 2007 werden 923 organen, zoals nieren, lever, longen, hart, pancreas en dunne darm, van overleden donoren getransplanteerd. 10 procent van de donoren is jonger dan 20 jaar. De grootste groep (45 procent) is tussen 40 en 60 jaar oud. Een kwart is ouder dan 60 jaar. Men is dus nooit te oud om donor te zijn.
Het wegnemen van organen kan enkel worden uitgevoerd op een persoon (de donor) wiens overlijden is vastgesteld door drie artsen, die volledig onafhankelijk zijn van de teams die de organen wegnemen en transplanteren en van de arts die de ontvanger verzorgt. Hersendood is een diagnose waarvoor elk van de drie artsen persoonlijk en onafhankelijk de verantwoordelijkheid draagt. Hersendood wordt vastgesteld volgens de meest recente medische kennis. In geval van hersendood is het de taak van de transplantatiecoördinator (HTML) om in het Rijksregister te controleren of er verzet werd aangetekend.
De wet bepaalt dat het verwijderen van organen en huid van het lichaam dienen te gebeuren met het nodige respect voor het stoffelijk overschot dat na de afneming van organen zodanig getoond moet worden dat de gevoelens van de nabestaanden worden geëerbiedigd. Het opbaren van het lichaam in een kist moet zo snel mogelijk gebeuren zodat de familie de laatste eer kan betuigen aan de overledene.
De wet geeft aan dat het schenken van organen gratis moet zijn en dat elke handel in organen en weefsels verboden is.
Bovendien moet de anonimiteit tussen de families van de donor en de ontvanger steeds gewaarborgd blijven.
Waarom u laten registreren als orgaandonor?
De Belgische wetgeving stelt dat elke Belg of buitenlander (langer dan 6 maanden ingeschreven in het Vreemdelingenregister) vanaf 18 jaar automatisch orgaandonor is en dit zonder verdere administratieve stappen, tenzij deze persoon zijn verzet liet registreren bij de gemeente. Onder de 18 jaar is toestemming van de ouders noodzakelijk. Ondanks deze wetgeving kan de familie in eerste graad (ouders en kinderen) of echtgeno(o)t(e) of samenwonende orgaandonatie weigeren na overlijden.
In de praktijk consulteert men na een overlijden steeds de familie. Logisch, want men wilt zeker weten of de overledene zich nooit uitgesproken heeft tegen orgaandonatie. Moeilijke en pijnlijke gesprekken, met een onzekere uitkomst. Om levens te redden en discussies te vermijden kunt u zich tijdens het leven als donor laten registreren. U dient dit administratief te regelen via het gemeentehuis van uw woonplaats of bij opname in het ziekenhuis.
Uw verklaring worden opgenomen in het Rijksregister, dat na het overlijden voor elke orgaan- of weefselverwijdering geraadpleegd moet worden.
Uw wil zal zonder enige betwisting geëerbiedigd worden.
Transplantatiecoördinatoren kunnen hiervan onmiddellijk kennis nemen door raadpleging van het Rijksregister dat 24 uur op 24 toegankelijk is, en onmiddellijk handelen (elke minuut telt).
Zo hoeven uw nabestaanden niet in uw plaats te beslissen. Vaak zijn die zo aangedaan dat het wegnemen van organen voor hen onaanvaardbaar is.
U krijgt een officieel getuigschrift waaruit uw wilsbeschikking blijkt, wat bijvoorbeeld nuttig kan zijn in het buitenland.
Momenteel zijn er 86.688 geregistreerde donoren.192.832 personen hebben verzet tegen donatie laten registreren.
Wat gebeurt er bij gebrek aan enige verklaring ?
Hier geldt het principe «wie zwijgt, stemt in» : indien door de overledene geen verzet aangetekend werd tegen orgaanverwijdering, dan kan deze gebeuren. De nabestaanden in eerste graad (vader, moeder, kinderen en samenwonenden onder hetzelfde dak) kunnen in dit geval verzet aantekenen.
Levende donoren
De wet voorziet dat wegnemen van een orgaan niet mogelijk is op een levende donor als de organen of weefsels niet opnieuw aangroeien, behalve als het leven van de ontvanger in gevaar is en de transplantatie van een orgaan van een overleden persoon niet het verhoopte resultaat oplevert.
De toestemming van de partner of van de verantwoordelijke in geval van minderjarigen is verplicht. Voor het wegnemen van beenmerg moet ook de minderjarige zelf toestemming geven als hij of zij 15 jaar is.
De toestemming tot wegneming moet schriftelijk, met datum en handtekening, gebeuren in aanwezigheid van een hoofdgetuige. Dit document moet worden overhandigd aan de chirurg die verantwoordelijk is voor het wegnemen van het orgaan.
Meer info:
www.beldonor.be
|