|
Tot hun zesde zijn kinderen heel kwetsbaar
‘s Winters lopen heel wat kinderen jonger dan 6 jaar gemakkelijk infecties op van neus, keel, oren, omdat hun afweersysteem nog niet voldoende ontwikkeld is. Eenmaal de kaap van de zes jaar voorbij zijn ze beter bestand tegen ziektekiemen.
In de meeste gevallen zijn deze infecties gelukkig banaal en genezen ze vanzelf.
Waarom geeft de dokter hen geen antibiotica?
Een lopende neus, koorts, vermoeidheid, hoest, misselijkheid... Waarom schrijft de dokter geen antibiotica voor om kinderen verlichting te brengen en het genezingsproces te versnellen?
Het antwoord is simpel: de meeste van deze winterinfecties zijn van virale aard en antibiotica doden alleen bacteriën, ze werken niet in op virussen. Ze hebben dus geen effect op de koorts en de andere symptomen van virale infecties. Ze kunnen een besmetting door een virus ook niet voorkomen, en recidieven evenmin.
Een voorbeeld: griep, maag-darmontsteking, rinofaryngitis (ontsteking van de neuskeelholte), bronchitis en bronchiolitis (infectie van de onderste luchtwegen) zijn altijd van virale oorsprong en vragen geen antibiotica. Angines (keelontstekingen) zijn in 7 van de 10 gevallen van virale oorsprong, oorontsteking in 30 tot 40% van de gevallen.
Voor angines bestaat er trouwens een test waarmee onmiddellijk kan bepaald worden of het om een virale dan wel een bacteriële infectie gaat.
Daar komt nog bij dat wie te veel antibiotica inneemt, immuun wordt tegen deze geneesmiddelen. U kunt de doeltreffendheid van de antibiotica dus beter bewaren voor als uw kind ze echt nodig heeft en een bacteriële infectie heeft opgelopen.
Het enige nut van antibiotica is om te voorkomen dat een virale aandoening nog gecompliceerd wordt door een bacteriële infectie. In de praktijk kunt u als uw kind niet geneest of als de infectie na enkele dagen nog verergert, beter opnieuw naar de huisarts gaan. Die zal het dan misschien opportuun achten om antibiotica te nemen.
10 tips om uw kind te verzorgen en besmetting te voorkomen
Geef uw kind regelmatig te drinken.
Maak zijn neus vrij met fysiologisch serum of zeewater.
Gebruik wegwerpzakdoekjes.
Zet de verwarming niet te hoog in de (slaap)kamer (niet hoger dan 18-20°C).
Dek uw kind niet te dik toe.
Zorg voor een voldoende hoge vochtigheidsgraad in de kamer (een bakje met water op de radiator).
Verlucht de kamer en het huis au minstens twee keer per dag.
Was regelmatig de handen (van het zieke kind, de ouders en zussen of broers).
Maak regelmatig speelgoed, beddengoed, bed schoon…
|